Beroep tegen tweede uitspraak op bezwaar is mede gericht tegen eerste uitspraak


Samenvatting

Belanghebbende heeft tijdig bezwaar gemaakt tegen zijn WOZ-beschikking. De inspecteur verklaart belanghebbende bij een eerste uitspraak op bezwaar echter niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. De inspecteur doet vervolgens een week later opnieuw uitspraak op bezwaar waarbij hij de WOZ-beschikking heeft gehandhaafd. In deze uitspraak staat tevens vermeld dat de eerste uitspraak komt te vervallen. Belanghebbende gaat tegen de tweede uitspraak in beroep. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Het hof is van oordeel dat de inspecteur slechts één keer uitspraak op een bezwaar kan doen en vernietigt de tweede uitspraak op bezwaar. Het beroep moet worden geacht (mede) te zijn gericht tegen de eerste uitspraak op bezwaar, aldus het hof. Belanghebbende mocht ervan uitgaan dat de beroepstermijn niet eerder dan zes weken na de dagtekening van de tweede uitspraak op bezwaar zou eindigen. Het beroep is dan ook ontvankelijk. Het bezwaar wordt daarentegen door het hof ongegrond verklaard.

(Hoger beroep gegrond.)

Verder lezen
Terug naar overzicht