Besluit staatssecretaris over interpretatie begrip 'werkgever' in belastingverdragen


Samenvatting

De staatssecretaris heeft een besluit uitgebracht over de fiscale gevolgen van grensoverschrijdende tewerkstelling van werknemers en de interpretatie van de term 'werkgever' uit het dienstbetrekkingartikel van belastingverdragen.

De staatssecretaris haalt de arresten van 1 december 2006 aan (zie NTFR 2006/1714 , NTFR 2006/1715, NTFR 2006/1716, NTFR 2006/1717, NTFR 2006/1718 en NTFR 2006/1719) en concludeert dat een materiële benadering van de interpretatie van de term 'werkgever' in het dienstbetrekkingartikel van het belastingverdrag moet worden aangehangen. Werkgever is degene die:

  1. met betrekking tot de werkzaamheden het gezag over de werknemer uitoefent, dat wil zeggen jegens de werknemer instructiebevoegd is; en

  2. de arbeidsbeloning van de werknemer voor de werkzaamheden en de voordelen, nadelen en risico's van de werkzaamheden draagt.

Uit praktische overwegingen gaat de staatssecretaris ervan uit dat buitenlandse werknemers die in een aantal situaties binnen concernverhouding niet langer dan in totaal zestig werkdagen per twaalfmaandsperiode in Nederland tewerk zullen worden gesteld, voor de uitleg van het begrip 'werkgever' in het belastingverdrag niet tot het Nederlandse concernonderdeel of de Nederlandse concernonderdelen in gezagsverhouding staan (derhalve geen heffing in Nederland).

Verder zal de Wet op de loonbelasting 1964 zodanig worden gewijzigd dat mocht het buitenlandse concernonderdeel toch inhoudingsplichtige zijn, het Nederlandse concernonderdeel die inhoudingsplicht mag overnemen.

Commentaar

Inleiding

Dit besluit geeft Nederlandse regels voor de uitleg van het begrip 'werkgever' in belastingverdragen. Een in een verdragsstaat wonende werknemer is belast in de andere verdragsstaat (niet-woonstaat) indien hij daar werkt voor een in dat land gevestigde werkgever (art. 15, lid 2, …

Verder lezen
Terug naar overzicht