Commissie Gelijke Behandeling 14-12-1999, JAR 2000, 180


Ontbinding gewichtige redenen verzoek werknemer. Gelijke behandeling. Ziekte. Buitenlandse werknemer. Schadeloosstelling (C=2,5).

Zie voor de complete uitspraak JAR 2000, 180.

Een Marokkaanse werkneemster, 28 jaar oud, vier jaar in dienst, salaris NLG 2.460,58 bruto per maand, verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst omdat zij gediscrimineerd is en daardoor inmiddels ruim een jaar ziek is. De werkgever had, toen de werkneemster na onderkomst van bevallingsverlof zich voor werkhervatting wilde melden, aan de Arbodienst de vraag voorgelegd of de werkneemster daartoe wel in staat zou zijn gezien de combinatie gezin/werk en het feit dat zij, hoewel "westers" opgevoed, getrouwd is met een "conservatieve/traditionele Marokkaanse man", hetgeen veel spanningen in het huwelijk teweegbrengt. Ondanks bezwaar van de werkneemster weigert de werkgever de brief aan de Arbodienst, die overigens niet aan het verzoek van de werkgever voldoet, in te trekken. De Commissie Gelijke Behandeling acht de klachten van direct onderscheid op grond van geslacht en ras (waaronder tevens nationale afstamming moet worden verstaan) gegrond. De kantonrechter ontbindt wegens de verstoorde verhouding en kent een vergoeding toe aan de werkneemster van NLG 26.574,26 bruto met correctiefactor C=2,5, nu de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Het ziekteverzuim van de werkneemster in het verleden gaf geen aanleiding voor de gestelde vraag aan de Arbodienst en het stellen van een dergelijke vraag is voor de werkneemster bedreigend geweest. De werkgever heeft dan ook, zoals de Commissie Gelijke Behandeling heeft vastgesteld, op twee punten gediscrimineerd.

Terug naar overzicht