De behandeling van voordruk bij de ontwikkeling van een kantoorpand


Wet OB 1968

Een makelaar die deels voor de btw vrijgestelde prestaties verricht als assurantiebemiddelaar, heeft in 1999 een nieuw kantoorpand laten bouwen. Een gedeelte van het pand wordt na voltooiing enkel gebruikt voor zijn met btw belaste makelaarswerkzaamheden, een gedeelte enkel voor zijn btw-vrije assurantiebemiddelingwerkzaamheden en een gedeelte wordt gemengd gebruikt. De inspecteur is van mening dat in het geval er een investering wordt gedaan ten behoeve van vrijgestelde en belaste activiteiten, de aftrek op basis van de omzetverhouding dient plaats te vinden nu het werkelijke gebruik naar de mening van de inspecteur niet objectief en nauwkeurig te bepalen is. Het Hof Arnhem is echter van oordeel dat de aftrek van de voordruk voor de gedeelten die exclusief voor de belaste en onbelaste activiteiten aan de hand van het werkelijke gebruik dient te worden berekend omdat de omzetverhouding (pro rata) niet overeenkomt met het werkelijke gebruik welke volgens het Gerechtshof blijkbaar wel te bepalen is. De aftrek voor het overige gedeelte kan worden bepaald aan de hand van de omzetverhouding.

Hof Arnhem 3 maart 2009, (07/00372)

Verder lezen
Terug naar overzicht