De complexe unittheorie


Op 8 mei 2009 heeft Hof Den Haag1 uitspraak gedaan in de verwijzingszaak van de Hoge Raad van 12 september 20082. De procedure ging over de vraag of een pand als één goed dient te worden aangemerkt (complextheorie) of als meerdere zelfstandig te exploiteren goederen (unittheorie). Verder kwam de vraag aan de orde of er gedurende een periode van aanvangsleegstand recht op aftrek van btw bestaat. Deze procedure vormt naar onze mening een goede aanleiding om eens stil te staan bij de verschillen tussen de zogenoemde complex- en unittheorie en de gevolgen voor de aftrek van btw gedurende een periode van leegstand. Ten aanzien van het recht op aftrek bij leegstand zullen wij tevens stilstaan bij de wetswijziging per 1 januari 2007.3

De procedure

Belanghebbende heeft, met ingang van 1 november 2001, drie van de vier verdiepingen van een door haar op eigen grond gebouwd kantoorpand vrijgesteld van btw verhuurd. De vierde verdieping staat dan nog leeg. Vervolgens wordt (iets meer dan) de helft van de vierde verdieping per 1 juli 2002, eveneens vrijgesteld van btw, verhuurd.

Bij het bepalen van (de omvang van) het aftrekrecht dat een belastingplichtige toekomt, spelen het moment en de wijze van eerste ingebruikname van een pand een hoofdrol. Derhalve dient te worden vastgesteld wat, wanneer en op welke wijze in gebruik wordt genomen. Waar civielrechtelijk in beginsel sprake is van één voor overdracht vatbaar pand, kan dat voor de heffing van btw anders zijn.4

In het onderhavige geval zou voor de btw sprake kunnen zijn van één of van meerdere goederen. In het laatste geval zou de vierde…

Verder lezen
Terug naar overzicht