De gevolgen van de ‘flex-bv’ voor de Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen (2012.43.2008)


Auteur gaat in op de wijziging van de Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen, hierna ook wel genoemd: de wet, als gevolg van het op 1 oktober 2012 in werking getreden Wetsvoorstel vereenvoudiging en flexibilisering BV-recht (Kamerstuk 31058) en de bijbehorende invoeringswet (Kamerstuk 32426). Hij beschrijft de systematiek van de wet en staat daarna kort stil bij de wijzigingen.
De wet ziet op kapitaalvennootschappen met rechtspersoonlijkheid die worden beheerst door het recht van niet-EU/EER-lidstaten, waaronder mede worden begrepen de staten Aruba, Curaçao en Sint Maarten alsook de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Zie art. 1 lid 2 van de wet dat is ingevoerd naar aanleiding van HvJ EG, 30 september 2003, C-167/01, NJ 2004, 394,  LJN AL7886 (Inspire Art). Wanneer een ‘formeel buitenlandse vennootschap’ haar werkzaamheid geheel of nagenoeg geheel in Nederland verricht en geen werkelijke band heeft met de staat naar welks recht zij is opgericht, zijn bepaalde onderdelen van ons BV-recht op haar van toepassing. Men denke hierbij aan de verplichting tot inschrijving in het Handelsregister (art. 2 lid 1 van de wet), de verplichte melding als ‘formeel buitenlandse vennootschap’ (art. 3 van de wet), de kapitaalbeschermingsregels (art. 4 van de wet), de administratie- en jaarrekeningsverplichtingen (art. 5 van de wet) en de aansprakelijkheid van (quasi-) bestuurders en commissarissen (art. 6 van de wet). Let wel: art. 6 van de wet verklaart de art. 2:249, 2:260 en 2:261 BW óók van toepassing op een formeel buitenlandse vennootschap uit een EU/EER-lidstaat! 
Nu de kapitaalbeschermingsregels als gevolg van de invoering van de flex-wetgeving zijn veranderd, is ook art. 4 van de wet gewijzigd. In laatstgenoemd artikel zijn thans de art. 2:9 BW (aansprakelijkheid wegens onbehoorlijke taakvervulling), 2:216 BW (aansprakelijkheid bij winstuitkering) en 2:248 BW (aansprakelijkheid in geval van faillissement) BW van overeenkomstige toepassing verklaard.

Mr. E.R. Roelofs, Bedrijfsjuridische Berichten 2012/21, p. 163-165 (AV)

Verder lezen
Terug naar overzicht