Door deels vrijgestelde verhuur moet omzetbelasting worden herrekend


Samenvatting

Aan belanghebbende is op 1 juni 2005 een kantoorpand met grond opgeleverd. De in rekening gebrachte btw is in aftrek gebracht. Het kantoorpand heeft een oppervlakte van ruim 34.000 m². In 2005 is meer dan de helft (met btw belast) verhuurd. Per 1 mei 2006 is belanghebbende 1.628 m² vrijgesteld gaan verhuren. In geschil is of bij dit verhuurde deel sprake is van beschikken voor bedrijfsdoeleinden over in de eigen onderneming vervaardigde goederen, als bedoeld in art. 3, lid 1 onderdeel h, Wet OB 1968. Zo nee, is belanghebbende deze oppervlakte gaan bezigen in de zin van art. 15, lid 4 Wet OB 1968?

De rechtbank beantwoordt de eerste vraag ontkennend. Belanghebbende heeft naar het oordeel van de rechtbank het pand voor het geheel beschikt voor bedrijfsdoeleinden ten tijde van de eerste verhuur in 2005. De tweede vraag beantwoordt de rechtbank bevestigend. Gelet op HR 12 september 2008, nr. 43.011, NTFR 2008/1891 dient vanaf het moment van vrijgestelde verhuur voor dit verhuurde deel de omzetbelasting te worden herrekend.

(Beroep ongegrond.)

Verder lezen
Terug naar overzicht