ECLI:NL:OGEAA:2017:487 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 20-06-2017 / EJ nr. 2674 van 2016

Uitspraak

Beschikking van 20 juni 2017

Behorend bij EJ nr. 2674 van 2016

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

op het verzoek van

1. [X]

2.
[Y]

te Aruba,

VERZOEKSTERS,

Gemachtigde: de advocaat mr. R. Marchena.

1 DE PROCEDURE

De procedure blijkt uit:

-

het verzoekschrift, ingediend op 26 oktober 2016,

-

de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling achter gesloten van februari 2017, waaruit blijkt dat zijn verschenen verzoeksters bijgestaan door hun gemachtigde voornoemd,

-

de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling achter gesloten van 9 mei 2017, waaruit blijkt dat zijn verschenen verzoeksters bijgestaan door hun gemachtigde voornoemd.

De uitspraak is bepaald op heden.

2 DE FEITEN

2.1

Verzoeksters zijn de echtgenote respectievelijk de dochter van de heer [Z] (hierna: de vermiste), geboren op [datum] 1949 in Aruba en vóór zijn vermissing wonende te [adres] (zoals vermeld staat op het overgelegde uittreksel van het bevolkingsregister van Aruba).

2.2

De vermiste is in de avonduren van 7 oktober 2011 met de vissersboot “Shanty” gaan vissen. Sinds de ochtenduren van 8 oktober 2011 wordt de heer [Z] vermist.

2.3

Na de vermissing is een zoektocht opgezet, met behulp van de Maritieme Politie, de Kustwacht en particuliere vliegtuigen en boten. Alle inspanningen zijn vruchteloos gebleken.

3 HET VERZOEK

Het verzoek strekt ertoe dat het gerecht zal verklaren dat [Z] op [datum] 2011 te Aruba is overleden, althans op een door het gerecht vast te stellen datum te Aruba is overleden.

4 DE BEOORDELING

4.1

Het verzoek is gebaseerd op artikel 1:426 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA). Ingevolge lid 1 van dit artikel kan de rechter, indien het lichaam van een vermist persoon niet is kunnen worden teruggevonden doch alle omstandigheden in aanmerking genomen zijn overlijden als zeker kan worden beschouwd, op vordering van het openbaar ministerie of op verzoek van iedere belanghebbende, verklaren dat de vermiste is overleden:

a. indien de vermissing heeft plaatsgevonden in Aruba;

b. indien de vermissing heeft plaatsgevonden tijdens een reis met een in Aruba thuisbehorend schip of luchtvaartuig;

c. indien de vermiste een in Aruba woonplaats hebbende of gehad hebbende Nederlander was;

d. indien de vermiste zijn woon- of verblijfplaats had in Aruba.

4.2

Gelet op het verzoekschrift en de daarbij gevoegde stukken, alsmede het verhandelde ter zitting, is het gerecht van oordeel dat er aanleiding bestaat om te verklaren dat [Z] op [datum] 2011 is overleden. De heer [Z] is immers die dag op zee waren om te vissen. Hij is niet teruggekeerd. De laatste waarneming van de boot vond die dag plaats om 6.50 uur. De zoekactie heeft die dag geen resultaat opgeleverd. Uit de overgelegde informatie van de politie blijkt dat om 18.05 uur en 18.11 uur de laatste signalen werden opgevangen van de mobiele telefoon. Er was die dag sprake van harde windstoten. Nu het dossier onvoldoende aanknopingspunten biedt omtrent het concrete tijdstip respectievelijk de plaats van overlijden, zal hierover niet worden beslist.

4.3

Het voorgaande leidt tot de volgende beslissing.

5 BESLISSING

Het gerecht:

verklaart dat op [datum] 2011 is overleden:

[Z], geboren op [datum] 1949 in Aruba,

zoon van: [A] en [B],

gewoond hebbende te [adres].

Deze beschikking is gegeven op dinsdag 20 juni 2017 door mr. P.A.H. Lemaire, rechter in dit gerecht, in tegenwoordigheid van de griffier.

Verder lezen