ECLI:NL:PHR:2017:238 Parket bij de Hoge Raad , 31-03-2017 / 16/02895


Uitspraak

Zaaknr: 16/02895

mr. W.L. Valk

Zitting: 31 maart 2017

Conclusie inzake:

[eiseres]

tegen

[verweerster]

Partijen worden hierna verkort aangeduid als [eiseres] respectievelijk [verweerster] .

[eiseres] bewoont sinds 1989 een woning op grond van een met haar broer gesloten overeenkomst van (persoonlijk) gebruik en bewoning. Na het overlijden van deze broer is tussen [eiseres] en [verweerster] (de langstlevende echtgenote van de overledene) een geschil ontstaan.

1 Feiten en procesverloop

1.1.