Economische eigendom eindigde op het moment dat maatschap werd ontbonden


X heeft met zijn moeder mondeling een maatschapsovereenkomst gesloten om gezamenlijk een veehouderijbedrijf te exploiteren. De landerijen zijn (juridisch) eigendom van moeder. In 1992 is de maatschap ontbonden. Naar aanleiding hiervan is tussen X en moeder in geschil of X gerechtigd is tot de waardestijging van de landerijen vanaf het begin van de maatschap.

Het Hof heeft uit de feiten afgeleid dat moeder de economische eigendom van de landerijen heeft ingebracht. Vervolgens heeft het Hof geoordeeld dat moeder de waardestijging van de landerijen tot het moment van de…

Verder lezen
Terug naar overzicht