Een voorgenomen samenwerking hoef niet aanbestedingsplichtig te zijn


Bao

Hof Arnhem heeft op 26 april 2011 geoordeeld dat de gewijzigde (voorgenomen) samenwerking tussen de gemeente en een projectontwikkelaar niet als aanbestedingsplichtig wordt aangemerkt. Dat de beoogde samenwerking tussen de gemeente en de projectontwikkelaar in het verleden nog anders was vormgegeven, maakt dit niet anders.

De casus was als volgt. Een gemeente wilde met een projectontwikkelaar contracten sluiten over een parkeergarage. Een concurrent was het daar niet mee eens en stelde diverse verbodsvorderingen in. In kort geding verloor de concurrent, daarna oordeelde het hof. Volgens het hof strekten de vorderingen in dit kort geding er – kort gezegd – toe de gemeente, op straffe van verbeurte van dwangsommen, te verbieden

  • met projectontwikkelaar A (erfpacht)overeenkomsten met betrekking tot het zogeheten Gelria-terrein aan te gaan,

  • aan dergelijke overeenkomsten gevolg te geven en

  • ter plaatse werkzaamheden op haar percelen te gedogen, alsmede de gemeente te gebieden (i) reeds aangevangen werkzaamheden te (doen) staken en (ii) de concept-erfpachtovereenkomsten te melden bij de Europese Commissie teneinde de Commissie in staat te stellen zich uit te laten over de toelaatbaarheid van de daarin besloten staatssteun.

Het hof bepaalde dat teneinde de toewijsbaarheid van deze vorderingen in hoger beroep te beoordelen, moet worden getoetst in hoeverre (een bepaald element uit) de samenwerking tussen de gemeente en de projectontwikkelaar – welke samenwerking kort gezegd tot doel heeft de ontwikkeling van het Gelria-terrein – kan worden aangemerkt als een aanbestedingsplichtige overheidsopdracht voor een werk of concessie voor een werk. In dat verband heeft de concurrent zich erop beroepen dat de door partijen beoogde erfpachtovereenkomst impliceert dat de projectontwikkelaar gehouden…

Verder lezen
Terug naar overzicht