Eerste Kamer stemt in met Wet elektronische dienstverlening burgerlijke stand


De tijd dat de burgerlijke stand louter gebaseerd is op papieren akten is voorbij. De Eerste Kamer stemde op 7 oktober jl. in met wetsvoorstel 32.444, waarmee geregeld wordt dat burgers bijvoorbeeld de geboorte van een kind of een voorgenomen huwelijk elektronisch kunnen aangeven.

Dit wetsvoorstel voegt aan Boek 1 BW een regeling toe voor de elektronische aangifte van geboorte, voorgenomen huwelijk en het geregistreerd partnerschap en de daarbij horende  uittreksels en afschriften van de daarop betrekking hebbende akten.

Met deze wet worden de bestaande procedures voor de burger een stuk eenvoudiger zonder dat dit invloed heeft op de betrouwbaarheid. Gemeenten kunnen voortaan ook geautomatiseerd burgerlijke stand gegevens opvragen bij andere gemeenten. Uitgangspunt is het principe 'eenmalige bevraging van de burger en meervoudig gebruik van de verstrekte gegevens'. Anders gezegd: gemeenten hoeven de informatie uit de burgerlijke stand niet iedere keer opnieuw op te vragen bij burgers. Voor burgers betekent het doen van elektronische aangifte tijdswinst, omdat ze er niet meer speciaal voor naar het gemeentehuis hoeven.

Hoewel bij enkele fracties zorgen waren over de veiligheid van de elektronische dienstverlening, stemde bijna de gehele Eerste Kamer in met de wet. Alleen de eenmansfractie van de SGP was afwezig.

Het wetsvoorstel werd al in 2011 aangenomen door de Tweede Kamer. De behandeling in de Eerste Kamer lag daarna een tijd stil, omdat het kabinet werkte aan een bredere visie op de elektronische overheid en omdat er vragen waren gerezen na een proef met het doen van elektronische aangifte van overlijden.

Bronnen: Eerste Kamer / SC Online

Verder lezen
Terug naar overzicht