Fiscale crisis bij fiscale beleggingsinstellingen?


In dit artikel gaan wij in op enkele mogelijke gevolgen van de economische crisis voor vastgoedfondsen die opteren voor de status van fiscale beleggingsinstelling (hierna: ‘FBI’).

Meest in het oog springende gevolg ziet op de zogenoemde uitdelings­verplichting – een FBI dient binnen acht maanden na boekjaareinde haar winst feitelijk uit te keren aan haar aandeelhouders. De economische crisis kan daar voor ernstige problemen zorgen. De vraag is hoe daarmee om te gaan. Is het praktisch op te lossen? Moet de politiek ingrijpen? Zou in de beleidssfeer iets geregeld moeten worden? Of hoort dit simpelweg bij de risico’s van het spel?

1 De vereisten voor een fiscale beleggingsinstelling

Van oudsher kent men in Nederland de figuur van collectieve belegging. Een beleggingsmaatschappij stelt de aandeelhouders in staat, ook bij geringe deelname, een grotere risicospreiding te bereiken. In het algemeen kan men stellen dat zonder fiscale faciliteiten dergelijke collectieve beleggingen onmogelijk zouden zijn. Immers, wanneer de beleggingsmaatschappij over de met haar beleggingen behaalde rendementen en koerswinsten vennootschapsbelasting zou moeten betalen, zou zij niet kunnen concurreren met een rechtstreekse particuliere belegging. De wetgever heeft voor dergelijke instellingen daarom een bijzonder fiscaal regime gecreëerd, dat deels een voortzetting vormt van bestaande vrijstellingen en deels een meer liberale toekenning van vrijstellingen bevat. De faciliteit houdt in dat de winst van de FBI wordt belast met een vennootschapsbelastingtarief van 0%. Door de toepassing van een nultarief in plaats van een vrijstelling is verzekerd dat een FBI een beroep kan doen op de door Nederland met andere landen gesloten belastingverdragen.

Wil een vastgoedfonds kunnen opteren voor de status van een FBI dan dient het fonds continu aan een…

Verder lezen
Terug naar overzicht