Fusie en tegenstrijdig belang, een tegenstrijdigheid? (2001.23.2177)


Bespreking van de vraag of bij de uitvoering van een juridische fusie als in de volgende casus beschreven rekening moet worden gehouden met tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW. De casus luidt: A BV is enig aandeelhouder en enig bestuurder van B BV. De BV’s maken deel uit van een groep vennootschappen. A stelt mede namens B een voorstel tot fusie met toelichting op, op grond waarvan A het gehele vermogen van B, als verdwijnende BV, zal verkrijgen. Het voorstel…

Verder lezen