In gelieerd verband verstrekte geldlening mogelijk te kwalificeren als informele kapitaalstorting (1998.08.3658)


Voor de beantwoording van de vraag of een geldverstrekking door een aandeelhouder aan zijn vennootschap als een geldlening of een kapitaalverstrekking moet worden aangemerkt, is in beginsel de civielrechtelijke vorm beslissend voor de fiscale gevolgen. Op deze regel zijn uitzonderingen. Zo is sprake van een kapitaalverstrekking als de aandeelhouder een lening verstrekt aan de BV, onder zodanige omstandigheden dat aanstonds duidelijk is dat deze lening niet zal worden terugbetaald. In dat geval heeft het kapitaal (gedeeltelijk) het vermogen van de aandeelhouder blijvend verlaten. De vraag of hiervan…

Verder lezen