Gerechtigdheid tot vermogen is niet vereist voor ondernemerschap (1999.18.3183)


Uit het arrest van de Hoge Raad van 16 december 1998, FBN 1999 nr 29 volgt dat de echtgenote in een man-vrouwfirma niet gerechtigd hoeft te zijn tot het vermogen van de firma om als ondernemer voor de inkomstenbelasting te worden aangemerkt.

Volgens Flutsch ziet de term 'medegerechtigdheid' in art. 6 Wet IB vooral op de gerechtigdheid in de stille reserves bij liquidatie en is dit criterium speciaal bedoeld voor de afgeleide ondernemers (commandiet of blote eigenaar). Het voor het subjectief ondernemerschap vereiste ondernemersrisico voor reguliere…

Verder lezen