Gezamenlijk gezag, gezamenlijke voogdij en alimentatie (1998.18.2663)


In de artt. 1:253w en 1:282 lid 6 BW is geregeld dat ook de 'mee-ouder' en de gezamenlijke voogden onderhoudsplichtig zijn.

In art. 1:253w BW is alleen art. 1:404 BW van overeenkomstige toepassing verklaard. Bewust is buiten dat artikel de alimentatietitel niet van overeenkomstige toepassing verklaard. Bij de alimentatietitel gaat het om bloed- en aanverwantschap. Daarvan is geen sprake bij gezamenlijk gezag en gezamenlijke voogdij.

Die niet toepasselijkverklaring van Titel 1.17 BW levert een aantal problemen op. Schrijver geeft daar een aantal voorbeelden van. Een van de voorbeelden is het niet toepasselijk zijn van art. 1:392 lid 2 BW. Betekent dit nu dat de 'mede-gezaghebber' alleen in geval van behoeftigheid tot betaling verplicht is?

F. Fernhout

EB 1998 nr 4 blz. 1

Verder lezen