Het einde van het recht der werkelijkheid? (2001.20.2163)


Schoordijk hekelt een aantal arresten van de Hoge Raad waarin terughoudend wordt geoordeeld over aanname van vertegenwoordiging.

In één van de arresten (HR 16 juni 2000, NJ 2000, nr 733; ND 00.36.2313) gaat het om de vraag of de aannemer die een vordering heeft op X - terwijl Y, echtgenote van X, eigenares is van de grond waarop de aannemer heeft gebouwd - een retentierecht met betrekking tot de onroerende zaak heeft. Door de Hoge Raad werd geen vertegenwoordiging van Y door…

Verder lezen