Naar de inhoud

Internationale validatie en gebruik van satelliet-gegevens voor luchtkwaliteit

Onderzoekers uit de hele wereld kwamen afgelopen nazomer naar Cabauw om hun instrumenten voor luchtkwaliteit te vergelijken. Aanleiding was de voorbereiding van de validatie van het nieuwe satellietinstrument TROPOMI voor monitoring van luchtkwaliteit dat in 2017 wordt gelanceerd. Eenmaal terug zullen de instrumenten over de wereld grondmetingen uitvoeren als referentie voor de satellietmetingen.

CESARMEETTERREIN
Figuur 1: De tijdelijke opstelling van de CINDI-2 instrumenten op de zogenaamde Remote Sensing Site van het CESAR meetterrein bij Cabauw. CESAR staat voor Cabauw Experimental Site for Atmospheric Research. (Foto: Jarno Verhoef.)

Het TROPOspheric Monitoring Instrument (TROPOMI) is het instrument aan boord van de Copernicus Sentinel-5 Precursor satelliet. Sentinel-5 Precursor is de eerste Sentinel voor atmosferische samenstelling en wordt in 2017 gelanceerd. De missie duurt zeven jaar. De baan van TROPOMI bevindt zich op 824 kilometer boven de aarde. Van hieruit kan het instrument elke dag opnieuw de hele atmosfeer in kaart brengen met details van maximaal 3.5 bij 3.5 kilometer. Deze hoge resolutie maakt het mogelijk om luchtvervuiling te detecteren op stadsniveau. Om NO2 te meten gebruikt TROPOMI technieken die sterk lijken op het MAXDOAS-principe; het detecteert via een aantal stappen licht dat weerkaatst wordt door de dampkring en vergelijkt dit met licht direct van de zon. In het verschil tussen deze twee lichtbronnen zit belangrijke informatie verscholen over de samenstelling van onze atmosfeer.

CINDI-2 is de tweede ‘Cabauw Intercomparison of Nitrogen Dioxide Measuring Instruments’, waarbij onderzoekers naar Cabauw komen om hun luchtverontreiniging metende instrumenten met elkaar te vergelijken. Deze instrumenten zullen op hun beurt, eenmaal terug op hun eigen plaats…