Jurisprudentie- en actualiteitenoverzicht 2007


Een directeur grootaandeelhouder is als zodanig geen btw-ondernemer.1 De desbetreffende beslissing van het Hof van Justitie EG is een van de meest in het oog springende ontwikkelingen op het terrein van de btw van het afgelopen jaar. Voor de overdrachtsbelasting vormden de transparante behandeling van een onroerendezaaklichaam met een monumentenpand alsmede de aanpassing van de aanmerkelijk belangregeling de meest spraakmakende gebeurtenissen. Deze en nog vele andere zaken geven voldoende reden voor het navolgende jaaroverzicht.

1 Dga als zodanig geen btw-ondernemer

Een directeur grootaandeelhouder die met zijn vennootschap een arbeidsovereenkomst heeft gesloten, kwalificeert dienaangaande volgens het Hof van Justitie EG niet als btw-ondernemer1. Een beslissing die haaks staat op een door de staatssecretaris van Financiën in 2002 ingenomen standpunt. Vele dga’s die zich conform dat standpunt als btw-ondernemer hebben aangemeld of met hun vennootschap(pen) een fiscale eenheid voor de btw hebben gevormd, zullen zich over de huidige situatie moeten beraden. Blijken zij geen (onderdeel van een) btw-ondernemer te zijn, en wat zijn daarvan de gevolgen. Kan bijvoorbeeld de dga die zijn woonhuis voor de btw volledig als ondernemingsvermogen heeft geëtiketteerd en ter zake btw-aftrek heeft genoten (en dat zijn er wel een paar), thans met succes het standpunt innemen dat geen btw wegens privégebruik is verschuldigd? De dga blijkt immers nimmer btw-ondernemer te zijn geweest, zodat hij ook geen btw is verschuldigd. Dat hij in de tussentijd het standpunt van de staatssecretaris van Financiën heeft gevolgd, kan hem toch moeilijk worden tegengeworpen. Een dergelijke vorm van twee walletjes eten, roept weerstand op maar ik sluit…

Verder lezen
Terug naar overzicht