JV 2008/81, RvS 21-12-2007, , 200704923/1

Inhoudsindicatie

Gezinshereniging, Gezinsleven, positieve verplichting, Machtiging tot voorlopig verblijf, Toetsing, intensiteit van, Turkije

Samenvatting

De Afdeling verstaat hetgeen de rechtbank in het kader van het beroep op art. 8 EVRM heeft overwogen aldus dat de rechtbank slechts heeft overwogen dat de minister de daar vermelde omstandigheden ten onrechte niet heeft meegewogen in de belangenafweging in het kader van de vraag of er objectieve belemmeringen bestaan tegen het uitoefenen van het gezinsleven in Turkije. Nu de rechtbank derhalve niet zelf een belangenafweging heeft gemaakt, …

Verder lezen
Terug naar overzicht