JV 2011/413, RvS 18-08-2011, BR5910, 201107198/1/V3
Inhoudsindicatie
Vreemdelingenbewaring, zicht op uitzetting, China, NationaliteitSamenvatting
Uit de aangevallen uitspraak en het p-v van het verhandelde ter zitting blijkt dat de minister heeft gesteld dat de nationaliteit van de vreemdeling niet vaststaat. Voorts blijkt uit het dossier dat de minister louter concrete uitzettingshandelingen gericht op de verwijdering naar China heeft verricht, o.m. door een laissez-passer-aanvraag. Niet is gebleken dat nader onderzoek zal worden verricht naar andere uitzettingsmogelijkheden dan China.
Zoals eerder (17 december…
| Instantie | Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State |
|---|---|
| Datum uitspraak | 18-08-2011 |
| Publicatie | JV 2011/413 (Sdu Jurisprudentie Vreemdelingenrecht), aflevering 13, 2011 |
| Zaaknummer | 201107198/1/V3 |
| LJN | LJN:BR5910 |
| Rechtsgebied | Migratierecht |
| Rechters |
|
| Partijen | A., appellante, tegen de uitspraak in zaak nr. AWB 11/19365 van de rechtbank ’s-Gravenhage zp ’s-Hertogenbosch, van 27 juni 2011 in het geding tussen A. en de minister voor Immigratie en Asiel. |
| Regelgeving |
|