Kantonrechter Haarlem 06-11-2003 (Veenhof), JAR 2003, 287


Ontbinding gewichtige redenen. Ontslag op staande voet. Schadeloosstelling.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2003, 287.

De werknemer, 33 jaar oud, is sinds januari 1999 bij de werkgever in dienst als Clerck Facility. In de loop van de arbeidsverhouding is de werknemer er herhaaldelijk op aangesproken dat hij te vaak te laat op het werk verscheen en onbereikbaar was tijdens ziekte. De werknemer is voor de periode van 30 juni 2003 tot 21 juli 2003 met vakantie vertrokken naar Turkije samen met zijn neef en collega. Op 18 juli 2003 heeft de werknemer de werkgever telefonisch laten weten dat zijn neef in Turkije een maagbloeding had gekregen en 15 dagen rust moest houden en dat hij zelf daarom niet op 21 juli 2003 terug zou zijn. De werkgever heeft vakantiedagen van de werknemer afgeboekt en heeft vervolgens de loonbetaling stopgezet. Verder heeft hij de werknemer bericht hem op 7 augustus 2003 op het werk te verwachten. Op 7 augustus heeft de werknemer de werkgever gebeld met de mededeling dat hij net was teruggekeerd en daarom die dag niet kon komen werken. De werkgever heeft de werknemer daarop op staande voet ontslagen. De werknemer heeft de nietigheid van het ontslag ingeroepen en vordert thans in kort geding doorbetaling van loon. De werkgever verzoekt voorwaardelijk ontbinding. De kantonrechter acht het ontslag op staande voet op voorhand geldig. Voldoende gebleken is dat de werknemer in het verleden herhaaldelijk erop is aangesproken dat hij te laat op het werk verschijnt. Verder is onvoldoende gebleken dat het voor de werknemer niet mogelijk was om eerder naar Nederland terug te keren. Hij was tenslotte zelf niet ziek en niet is vast komen te staan dat hij en zijn neef niet afzonderlijk de terugreis hadden kunnen maken. Dat dit wellicht extra kosten met zich zou hebben gebracht, doet niet af aan het feit dat het de verantwoordelijkheid van de werknemer zelf is om tijdig op zijn werk te verschijnen. De kantonrechter is er tenslotte niet van overtuigd dat de werknemer op 7 augustus 2003 zijn werk niet had kunnen hervatten. Een en ander rechtvaardigt het ontslag op staande voet. Tevens is er voldoende grond voor ontbinding wegens gewijzigde omstandigheden zonder dat daarbij aan de werknemer een vergoeding toekomt.

Verder lezen
Terug naar overzicht