Kantonrechter Nijmegen 17-05-2002 (Weusten), JAR 2002, 178


Concurrentiebeding.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2002, 178.

Tussen partijen is een non-concurrentiebeding overeengekomen dat de werknemer verbiedt om gedurende één jaar na de beëindiging van de dienstbetrekking binnen een werkterrein van 100 kilometer vanaf het centrum van Nijmegen werkzaam te zijn bij een gelijk of gelijksoortig of aan het bedrijf van de werkgever verwante onderneming, om financieel daarbij betrokken te zijn, een vergoeding te ontvangen, zelf een dergelijke onderneming te starten etc. De werknemer is voor de duur van één jaar bij de werkgever in dienst getreden als eerste elektromonteur. Hij is tewerkgesteld op een project bij de Alewijnse Industrie te Nijmegen. Dat project duurde tot en met december 2001. De werknemer is aansluitend aan het aflopen van zijn arbeidscontract, dat op zijn initiatief niet is verlengd, op 14 maart 2002 bij de Alewijnse Industrie in dienst getreden. De werkgever stelt dat de werknemer daarmee het concurrentiebeding overtreedt en vordert betaling van de overeengekomen boete van NLG 1.000,-- alsmede vergoeding van de schade die hij lijdt doordat hij het project bij de Alewijnse Industrie is verloren. De werknemer stelt dat het concurrentiebeding moet worden vernietigd. De kantonrechter is van oordeel dat de werkgever zijn stelling dat hij het project bij de Alewijnse Industrie heeft verloren door het vertrek van de werknemer onvoldoende heeft onderbouwd. Zo heeft hij niet duidelijk gemaakt waaruit het project bestond, hoeveel medewerkers er gedetacheerd waren, en om welke reden de Alewijnse Industrie het project zou hebben beëindigd. Dat er sprake zou zijn van andersoortige benadeling is gesteld noch gebleken. Nu het gaat om een dienstverband van slechts een jaar dat van rechtswege zou eindigen, vormt het concurrentiebeding, mede gelet op de functie van de werknemer, de duur, de geografische reikwijdte en de op overtreding gestelde boete, een veel te vergaande beperking van de vrijheid van arbeidskeuze van de werknemer. Daarom zal de kantonrechter het beding vernietigen.

Terug naar overzicht