Kantonrechter Utrecht 08-04-1999 (Pinckaers), JAR 2000, 35


Ontbinding gewichtige redenen verzoek werknemer. Sociaal plan.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2000, 35.

Een werkgever verzoekt ontslagvergunning jegens een 44-jarige secretaresse (ruim 13 jaar in dienst, salaris NLG 3.050,83 bruto per maand op basis van een arbeidsovereenkomst van 60%) wegens verval van functie op grond van bedrijfssluiting. De werkneemster krijgt een vergoeding conform het met de vakverenigingen besproken sociaal plan. De werkneemster verzoekt, hangende de RDA-procedure, ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een vergoeding op basis van de kantonrechtersformule met een correctiefactor 2 (NLG 114.225,-- bruto). Volgens de werkneemster is zij niet gebonden aan het sociaal plan nu dit niet met de vakverenigingen is overeengekomen. De kantonrechter stelt vast dat de arbeidsplaats van de werkneemster is vervallen en dat er geen passend werk beschikbaar is. Naar aanleiding hiervan, alsmede door de spanning veroorzaakt door de RDA-procedure, is er sprake van gewijzigde omstandigheden op grond waarvan de arbeidsovereenkomst dient te worden ontbonden. Met betrekking tot de hoogte van de vergoeding overweegt de kantonrechter dat de werkgever uitvoerig heeft onderhandeld met de vakverenigingen over het sociaal plan en dat slechts op het punt van de verhuisregeling geen overeenstemming is bereikt. Bovendien hebben de vakverenigingen uitdrukkelijk een beroep op de werkgever gedaan om het sociaal plan, ondanks het ontbreken van volledige overeenstemming, toe te passen op de werknemers die daadwerkelijk ontslagen worden. De werkneemster is dus in beginsel gebonden aan het sociaal plan, ook indien zij geen lid is van een van de vakverenigingen. De werkneemster heeft geen omstandigheden gesteld op grond waarvan toepassing van het sociaal plan tot een onbillijke uitkomst zou leiden. De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst met een vergoeding overeenkomstig het sociaal plan.

Terug naar overzicht