Makelaar heeft waarschuwingsplicht bij financieringstermijn


A verkoopt aan B een woning. B werd bijgestaan door makelaar M.

De koopakte bevatte een financieringsvoorbehoud indien niet op 14 juni 2008 een financiering is verkregen. B krijgt de financiering niet rond maar doet te laat een beroep op het financieringsvoorbehoud. De koop gaat toch niet door maar B moet wel een boete aan A betalen. B stelt dat zijn makelaar fout heeft gehandeld door hem niet tijdig te waarschuwen en stelt daarom de makelaar aansprakelijk.

De rechter oordeelt dat op grond van de NVM-voorwaarden, het in beginsel tot de taken van de aankopende makelaar behoort een financieringsvoorbehoud

in het koopcontract te laten opnemen en de kopers (tijdig) te wijzen op de consequenties

van het aflopen van die termijn. Volgens de rechter blijkt niet dat de makelaar aan deze plicht heeft voldaan. De makelaar verweert zich door te stellen dat dit niet aan de orde was omdat B voor het sluiten van de koopovereenkomst reeds had aangegeven dat de financiering rond was. De rechter stelt dat dit niet juist is omdat B een leek was en juist in dergelijke gevallen de makelaar op de consequenties moet wijzen.

Daarbij speelt mee dat een financiering pas ‘rond’ is als er een offerte door de financier is uitgebracht. Daarvan kon volgens de rechter geen sprake zijn omdat het object dat gefinancierd moest worden nog niet duidelijk was en omdat een offerte een beperkte geldigheid heeft. Volgens de rechter had de makelaar na de mededeling van B over het ‘rond zijn’ van de financiering op deze punten moeten wijzen en doorvragen. De rechter oordeelde dat nu de makelaar dat heeft nagelaten, hij tekort is geschoten…

Verder lezen
Terug naar overzicht