N-zaak: rechtsgevolgen conserverende aanslag blijven in stand


Samenvatting

Deze zaak betreft de zogenoemde N-zaak (HvJ EG 7 september 2006, zaak C-470/04, NTFR 2006/1288). Volgens Hof Arnhem (NTFR 2007/1679) is het Nederlandse systeem inzake, kort gezegd, fictieve aanmerkelijkbelangwinst bij vertrek naar een andere lidstaat van de EU zoals dat gold in 1997 onverenigbaar met het gemeenschapsrecht omdat verplicht zekerheid moest worden gesteld en er geen rekening werd gehouden met waardeverminderingen na verlegging van de woonplaats. Het conserverende deel van de aanslag werd door het hof vernietigd. Voor een schadevergoeding zag het hof echter geen reden, omdat niet van een voldoende gekwalificeerde schending van het gemeenschapsrecht kan worden gesproken.

De Hoge Raad is het niet eens met het hof. Het hof had namelijk de rechtsgevolgen van de aanslag in stand moeten laten. Dit omdat de belemmering – het stellen van zekerheid – ten tijde dat het hof zijn uitspraak deed was vervallen en de mogelijkheid bestaat om belanghebbende schadeloos te stellen. De ontvanger moet te zijner tijd rekening houden met een eventuele waardevermindering van de aandelen. De door het hof niet beantwoorde vraag of de aanslag in strijd is met het Verdrag Nederland – Verenigd Koninkrijk (verdragsgoede trouw) beantwoordt de Hoge Raad ontkennend. Voorts is de Hoge Raad van oordeel dat de schade die belanghebbende heeft naar aanleiding van de zekerheidsstelling moet worden vergoed. De Hoge Raad vernietigt de aanslag en bepaalt dat de rechtsgevolgen ervan in stand blijven en kent belanghebbende een schadevergoeding toe van € 769,50.

(Cassatieberoepen gegrond.)

Feiten

(Ontleend aan NTFR 2007/1679)

2.1. Belanghebbende heeft op 22 januari 1997…

Verder lezen
Terug naar overzicht