Na schending verdedigingsbeginsel moet verwijzing volgen


Samenvatting

X2 is medio 2000 een onderneming in de vorm van een eenmanszaak gestart. De activiteiten van de onderneming bestaan uit werkzaamheden in de bouw. Vanaf eind 2002 is X2 zich gaan bezighouden met het aannemen van werken, bestaande uit het splitsen en renoveren van panden. De eenmanszaak is met ingang 1 januari 2005 ingebracht in belanghebbende.

Zowel in eerste aanleg als in hoger beroep is, voor zover in cassatie nog van belang, enerzijds in geschil of belanghebbende de door derden aan haar in rekening gebrachte omzetbelasting terecht in aftrek heeft gebracht. De inspecteur heeft zich op het standpunt gesteld dat belanghebbende de aan haar verrichte diensten heeft afgenomen als aannemer dan wel als eigenbouwer in de zin van de verleggingsregeling van art. 12, lid 4 (oud), Wet OB 1968 jo. art. 24b Uitv.besch. OB 1968. De aannemer en de eigenbouwer zijn personen die buiten dienstbetrekking tegen een te betalen prijs een werk van stoffelijke aard uitvoeren dat betrekking heeft op onroerende zaken. De aannemer verricht deze werkzaamheden in opdracht van een derde, de eigenbouwer voor zichzelf in de normale uitoefening van zijn bedrijf. Het standpunt van de inspecteur brengt mee dat de heffing van omzetbelasting op de door de derden (de onderaannemers) aan belanghebbende verrichte diensten wordt verlegd naar belanghebbende, zodat de onderaannemers ten onrechte omzetbelasting aan belanghebbende in rekening hebben gebracht. Die zogenoemde ‘artikel 37-btw’ is bij belanghebbende niet aftrekbaar. Rechtbank Arnhem en Hof Arnhem-Leeuwarden (19 april 2016, nrs. 11/00447 en 11/00448, NTFR 2016/1458) volgen de inspecteur in zijn standpunt…

Verder lezen
Terug naar overzicht