Niet gebondenheid aan besluit Vereniging


Hof Amsterdam heeft een uitspraak gedaan over de gebondenheid van een besluit van een vereniging van eigenaren.

De casus was als volgt. A heeft van een bv een bouwkavel op een bungalowpark gekocht en geleverd gekregen. Op grond van de leveringsvoorwaarden moet A jaarlijks een geïndexeerd bedrag betalen aan de beheerder van het bungalowpark voor het onderhoud en dergelijke van de gemeenschappelijke voorzieningen op het park. Tevens moet A op grond van die leveringsvoorwaarden verplicht lid zijn van een vereniging van eigenaren (een gewone vereniging en derhalve niet een VvE zoals een appartementensplitsing kent).

Diezelfde bv verkoopt later de gemeenschappelijke voorzieningen aan de vereniging.

A zegt na een aantal jaren het lidmaatschap van die vereniging op. Twee jaar na die opzegging besluit de vereniging om naast de jaarlijkse geïndexeerde bijdrage een nieuwe extra bijdrage te vragen voor de infrastructuur. A bestrijdt dat hij die bijdrage moet betalen. Immers het is geen verplichting op grond van de leveringsvoorwaarden en A is reeds twee jaar geen lid meer van die vereniging.

Het hof stelt dat A op grond van de leveringsakte uitsluitend de oorspronkelijke (geïndexeerde) bijdrage verschuldigd is. Volgens het hof heeft de vereniging als opvolgende eigenaar niet meer rechten gekregen dan de bv. Uitgangspunt is dat de bv niet meer aan de vereniging kon overdragen dan waartoe zij zelf jegens A was gerechtigd. De vereniging heeft volgens het hof onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld op grond waarvan kan worden aangenomen dat uit de koop- en/of leveringsakte voortvloeit dat de verkoper naast de daarin genoemde bijdragen ook andere kosten aan A in rekening kon brengen, althans daar redelijkerwijs vanuit mocht gaan. De tekst van de koop…

Verder lezen
Terug naar overzicht