Nieuw ingevoerde gemeentelijke bevoegdheden ter bevordering van onderhoud en appartementengebouwen


Met de wijziging per 1 juli 2011 van Titel 9, Boek 5 BW hebben gemeenten handvatten gekregen om te bevorderen dat slapende VvE’s worden geactiveerd en overgaan tot het opstellen van een onderhoudsplan respectievelijk de vorming van een reservefonds. De wijziging van de Woningwet per genoemde datum geeft gemeenten de bevoegdheid om VvE’s in bepaalde gevallen te verplichten een onderhoudsplan op te stellen dan wel onderhoud te plegen.

In hoeverre de regelingen er inderdaad toe leiden dat het achterstallige onderhoud in de achterstandswijken teruggedrongen wordt, zal moeten blijken.

Het al dan niet plegen van onderhoud blijft immers afhangen van de acties die de appartementseigenaars bereid zijn te nemen en in financieel opzicht kunnen nemen.

Indien – ondanks de mogelijkheden die gemeenten ingevolge de wetswijzigingen hebben – onderhoud uitblijft, zal de gemeente alsnog zijn aangewezen op het publiekrechtelijk instrumentarium en kunnen de eigenaars van de gemeente derhalve een aanschrijving (ofwel: handhavingsbesluit) verwachten.

1 Inleiding

Per 1 juli 2011 is een aantal nieuwe bepalingen opgenomen in zowel Titel 9, Boek 5 BW (inzake appartementsrechten) als in de Woningwet.

Met de betreffende regelingen is beoogd te bereiken dat gemeenten meer invloed kunnen uitoefenen op de totstandkoming en uitvoering van onderhoudsplannen voor appartementengebouwen.

2 Aanleiding voor de wetswijzigingen: slapende VvE’s

De aanleiding voor deze wijzigingen is de slechte onderhoudstoestand van gebouwen met een slapende Vereniging van Eigenaars (VvE).

Bij slapende VvE’s gaat het voornamelijk om gebouwen met minder dan vijf appartementsrechten. Vaak betreft het gebouwen die gesplitst zijn in slechts twee appartementsrechten (een beneden- en een bovenwoning).

Met name bij deze kleine VvE’s komt het veelvuldig…

Verder lezen
Terug naar overzicht