Nogmaals het vennootschappelijk verblijvensbeding (1997.49.2466)


Perrick bespreekt de vraag in hoeverre bij een verblijvensbeding ter zake van een vennootschap onder firma de op grond van art. 3:186 lid 1 BW voorgeschreven leveringshandelingen reeds bij voorbaat, voor het geval de vennootschap ten aanzien van één van de deelgenoten eindigt, kunnen worden verricht. Tevens bespreekt hij de vraag of een door de vennoten in dit verband in de vennootschapsakte gegeven onherroepelijke volmacht eindigt door de ontbinding van de vennootschap wegens het faillissement van een der vennoten. Volgens Perrick is dit het geval, volgens Maeijer…

Verder lezen