Ondanks overschrijding van termijn in testament moest zekerheid worden gesteld


X heeft in 2006 krachtens een ouderlijke boedelverdeling een niet-opeisbare geldvordering op haar moeder verkregen. In 2012 vordert X dat haar moeder op grond van de bepalingen in het testament zekerheid stelt voor de vordering, maar haar moeder weigert dit omdat zij van mening is dat blijkens de volgende tekst in het testament de vordering te laat is ingesteld.
“Mijn erfgenamen zijn verplicht om […] binnen een jaar na mijn overlijden een notariële akte te doen verlijden, waarbij de waarde bij mijn overlijden van ieders erfdeel uit mijn…