Ondanks slordige formulering was ontslagverzoek bewindvoerder niet nodig


M overlijdt met achterlating van twee minderjarige kinderen als haar enige erfgenamen. Bij testament is een bewind ingesteld over de erfdelen. X is benoemd tot bewindvoerster. Thans verzoekt X de kantonrechter om haar ex artikel 4:164 lid 1 letter e BW te ontslaan als bewindvoerster en gelijktijdig Y te benoemen tot opvolgend testamentair bewindvoerder. Weliswaar bevat het testament de volgende clausule: “ Voor zover door mij niet in de opvolging is voorzien is de bewindvoerder verplicht om binnen drie maanden na zijn aanvaarding, een opvolger aan te…

Verder lezen