Ongelijke behandeling bij aftrek persoonlijkeverplichtingenrente (2004.28.3118)


X meent dat in art. 45 lid 5 Wet IB 1964 een ongeoorloofd onderscheid wordt gemaakt tussen niet duurzaam gescheiden levende gehuwden en ongehuwd samenwonenden. Gehuwden mogen ingevolge art. 5 lid 1 Wet IB 1964 maximaal € 4.721 aan renten van schulden in aftrek brengen, terwijl deze aftrek voor ongehuwd samenwonenden beperkt is tot € 2.361.

Volgens de Hoge Raad en het Hof heeft de wetgever geen ongeoorloofd onderscheid gemaakt tussen niet duurzaam gescheiden levende gehuwden en ongehuwd samenwonenden. Voor gehuwden geldt, anders dan…

Verder lezen
Terug naar overzicht