President Rechtbank Leeuwarden 4-12-1998 (Vrieze), RvdW KG 1999, 103


Aansprakelijkheid werkgever. Goed werkgeverschap. Opzegging.

Een matroos met heimwee komt met de kapitein overeen tussentijds af te monsteren per 5 mei 1998. Als de matroos het schip eerder wenst te verlaten ontstaat er een handgemeen met de kapitein tengevolge waarvan de matroos zich moet laten behandelen in een ziekenhuis. Daarna keert hij met het vliegtuig huiswaarts. Aldaar stelt de matroos zich wederom onder medische behandeling en doet aangifte van mishandeling. De matroos vordert doorbetaling van loon, stellende dat hij ziek was tot 1 augustus 1998, een vergoeding voor de schade als gevolg van mishandeling en smartengeld. Tevens vordert de matroos een schadevergoeding wegens schending van de privacy doordat de kapitein gebruik heeft gemaakt van zijn dagboekaantekeningen. De president acht de vordering wegens toegebracht letsel niet-toewijsbaar omdat de schadevergoedingsplicht onvoldoende aannemelijk is. Ook schending van de privacy is onvoldoende aannemelijk gemaakt. De loonvordering acht de president wel toewijsbaar omdat de werkgever niet aannemelijk heeft gemaakt dat de werknemer de arbeidsovereenkomst heeft opgezegd. De president veroordeelt de werkgever tot betaling van de gage over de maanden mei, juni en juli en verbiedt de werkgever de inhoud van het dagboek van de werknemer openbaar te maken.

Terug naar overzicht