Rechtbank Almelo 21-02-2001, JAR 2001, 75


Functiewijziging. Ziekte. Goed werkgeverschap.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2001, 75.

Een werknemer, 60 jaar oud en in dienst sinds 1970, is in maart 1998 uitgevallen voor zijn functie van technisch administratief medewerker als gevolg van griep en, naar later bleek, forse overspannenheid. Medio 1998 is de werknemer weer aan het werk gegaan op basis van arbeidstherapie en per 4 januari 1999 is hij arbeidsgeschikt verklaard voor zijn eigen werk. De werkgever heeft de werknemer echter niet meer al zijn vroegere taken laten verrichten. Hij heeft hem diverse administratieve werkzaamheden opgedragen, maar heeft hem niet toegelaten tot de leukere onderdelen van zijn werk, zoals het contact met klanten en technische werkzaamheden. De werknemer heeft in eerste aanleg tewerkstelling in zijn oude functie gevorderd. De kantonrechter heeft zijn vordering op formele gronden afgewezen. Op het hoger beroep van de werknemer stelt de rechtbank vast dat de thans aan de werknemer opgedragen werkzaamheden nauwelijks overeenkomen met de werkzaamheden die hij voor zijn ziekte uitvoerde. De vraag is of de werkgever gerechtigd was zijn werkzaamheden dusdanig te wijzigen en of hij aldus in overeenstemming met de eisen van goed werkgeverschap heeft gehandeld. De rechtbank oordeelt dat dit niet het geval is. Ten eerste had de werkgever niet de ruimte een functiewijziging door te voeren nu de werknemer hiermee niet instemde. Daarnaast heeft de werkgever ook geen zwaarwegende gronden aangevoerd voor de functiewijziging. Het feit dat de werknemer zijn werkzaamheden wilde hervatten zonder begeleiding van bedrijfsarts en directie en het feit dat het mogelijk is dat hij als gevolg van zijn overspannenheid frustraties heeft geuit tegenover collega's en klanten brengen niet mee dat de werkgever in redelijkheid kon weigeren hem in zijn eigen functie te werk te stellen

Terug naar overzicht