Rechtbank Amsterdam 20-06-2001, JAR 2001, 153, Prg. 2001, 5746


Bedrijfsongeval. Goed werkgeverschap.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2001, 153.

Een werknemer is bij het uitladen van brood uit zijn bestelauto bij de firma Schoevers aangereden door een van achter komende auto. Daardoor heeft hij letsel opgelopen. De werknemer had zijn auto stilgezet op een plaats waar een stopverbod geldt. Hij stelt dat de werkgever ex art. 7:658 BW voor de gevolgen van het ongeval aansprakelijk is. De kantonrechter heeft zijn vordering afgewezen. Op het hoger beroep van de werknemer overweegt de rechtbank dat de werknemer nauwelijks een andere keuze had dan de auto bij Schoevers vóór de deur te parkeren ondanks het daar geldende stopverbod, omdat hij onder tijdsdruk stond, een zware lading brood moest tillen en andere parkeerplaatsen dichtbij Schoevers vrijwel steeds vol waren. De werknemer stelt dat hij het probleem meermalen met de directeur van de werkgever heeft besproken en kenbaar heeft gemaakt dat hij het griezelig vond op de weg te parkeren. De directeur heeft toen enkel gezegd dat hij dan maar om de hoek moest parkeren. Daar was echter bijna nooit plaats. De rechtbank is van oordeel dat het, gelet op de bij de werkgever bekende parkeerproblemen, op zijn weg had gelegen om de werknemer uitdrukkelijke instructies te geven indien hij had willen voorkomen dat de werknemer het stopverbod zou negeren. Van dergelijke instructies is echter geen sprake geweest. Daarom moet het er voor gehouden worden dat de werkgever de werkwijze van de werknemer voor lief nam in het belang van een tijdige broodbezorging bij Schoevers en volgende klanten op de bezorgroute. Aldus heeft de werkgever zijn zorgplicht in de zin van art. 7:658 BW geschonden en ook in strijd gehandeld met de eisen van goed werkgeverschap. Van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer is geen sprake, gelet op de ervaringsregel dat werknemers in de dagelijkse routine van hun werkzaamheden minder voorzichtig worden en in het Amsterdamse verkeersbeeld een handelwijze als die van de werknemer bepaald niet ongebruikelijk is

Terug naar overzicht