Rechtbank Roermond 07-11-2002, JAR 2003, 141


Bedrijfsongeval.

Zie voor de complete uitspraak JAR 2003, 141.

De werkneemster is van 2 januari 1973 tot 1 februari 2001 als kraamverzorgster werkzaam geweest in dienst van de werkgever. Op 24 mei 1998 is de werkneemster, toen zij als kraamverzorgster in een gezin werkzaam was, gestruikeld. Daarbij heeft zij het middenvoetsbeentje van haar rechtervoet gebroken. Ten gevolge hiervan is zij blijvend invalide geraakt. De werkneemster heeft de werkgever voor haar schade aansprakelijk gesteld. Daartoe heeft zij aangevoerd dat het oudste kind (drie jaar) in het gezin waar net een baby was geboren, uitermate druk en onstuimig was. Op een gegeven moment zou het kind zich hebben losgerukt en zou de tuin zijn ingerend waar een vijver was en de poort naar de straat zou hebben opengestaan. De werkneemster is hem toen achterna gerend waarbij zij is gevallen met haar letsel tot gevolg. De werkneemster stelt dat de werkgever haar te weinig instructies heeft gegeven over het werken in een gezin met een kind dat afwijkend gedrag vertoont en dat zij te weinig was voorbereid op de gezinssituatie. De kantonrechter heeft haar vordering toegewezen. Op het hoger beroep van de werkgever overweegt de rechtbank dat de werkneemster als kraamverzorgende zeer regelmatig bijscholingsen themacursussen heeft gevolgd. Daarin is onder meer ook aan de orde geweest de (mogelijke) gedragsverandering van oudere kinderen in een gezin bij de komst van een baby. Verder was de werkneemster geïnstrueerd om contact op te nemen met een meerdere indien zij in een situatie zou komen die zij niet de baas kon. Ook heeft de werkgever de werkneemster, voorzover mogelijk, voorbereid op de situatie van het gezin. Van de werkgever kan in dit opzicht niet verlangd worden dat hij, als de ouders op een intakeformulier geen melding maken van bijzonderheden ten aanzien van hun eerdere kind(eren), zonder aanleiding daartoe een zelfstandig onderzoek instelt naar eventuele bijzonderheden ten aanzien van die kinderen. De werkgever is zijn instructieplicht derhalve nagekomen. Ook los daarvan geldt dat cursussen, trainingen, instructies etc. een gebeurtenis als de onderhavige niet kunnen voorkomen. Zou een werkgever dan toch aansprakelijk worden gehouden, dan zou sprake zijn van een risicoaansprakelijkheid. Als zodanig is art. 7:658 BW echter niet bedoeld.

Terug naar overzicht