Sign. - 108. Geen vervangende toestemming verhuizing vanwege co-ouderschap


M en V zijn in 2003 gehuwd, welk huwelijk in 2007 door echtscheiding is ontbonden. Uit het huwelijk zijn twee, thans nog minderjarige kinderen geboren. M en V oefenen gezamenlijk het ouderlijk gezag uit over de kinderen. Partijen zijn in hun echtscheidingsconvenant het navolgende overeengekomen:
1. Verzorging en opvoeding
Partijen zullen tezamen de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding van [de kinderen] dragen. Partijen komen overeen – totdat hierover anders is beslist – dat [de kinderen] van maandag tot en met vrijdagochtend bij de vrouw wonen en van vrijdag tot en met maandagochtend bij de man wonen. Partijen doen elkaar wekelijks verslag of zoveel vaker als zij dit nodig achten. In goed overleg kunnen de vaste dagen incidenteel aangepast worden, zoals bij vakanties, feestdagen en verjaardagen. Alle belangrijke, [de kinderen] betreffende zaken, zoals schoolkeuze, dokterskeuze, clubs en overige vrije tijdsbestedingen, zullen niet dan na onderling overleg van partijen geregeld worden.
2. Woonplaats van partijen
De vrouw en de man verklaren dat zij in [A], althans in de directe omgeving van [A], woonachtig zullen blijven teneinde het co-ouderschap ten aanzien van [de kinderen] in stand te houden.
Deze regeling is door partijen tot mei 2010 uitgevoerd. Vanaf mei 2010 verblijven de kinderen de ene week bij V en de andere week bij M. V is in 2007 van [A] naar [B] verhuisd. V verzoekt haar thans vervangende toestemming te verlenen om met de kinderen te verhuizen van [B] naar [C], waar zij wil gaan samenwonen met haar nieuwe partner. De…

Terug naar overzicht