Sign. - 286. Schending informatieplicht (Hof Arnhem-Leeuwarden 16 november 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:9232, «JOR» 2017/135, m.nt. mr. A. Karapetian)


Rechtsregels die iemand gebieden iets te doen terwijl die persoon tegelijkertijd het recht heeft te weigeren waartoe hij wordt geboden, zijn zeldzaam. De problematiek die in deze uitspraak centraal staat, biedt een voorbeeld. De inlichtingenplicht van de gefailleerde (en in geval van een rechtspersoon diens bestuurder) staat hierin tegenover zijn verdragsrechtelijk gewaarborgde recht om zichzelf niet te incrimineren door het afleggen van belastende verklaringen.

Op grond van art. 105 jo 106 Fw rust op de gefailleerde de verplichting de curator alle inlichtingen te verschaffen, zo dikwijls hij daartoe wordt opgeroepen. Dit houdt in dat de gefailleerde verplicht is de administratie aan de curator af te geven. Op verdachte rustte derhalve de wettelijke plicht de administratie die hij onder zich had, aan de curator af te geven. In geval van een weigerachtige gefailleerde kan de curator ervoor kiezen om op grond van art. 87 Fw de rechtbank te verzoeken deze in verzekerde bewaring te stellen. Die “gijzeling” dient ertoe de nodige informatie van de betrokkene te verkrijgen. De curatoren hebben bij een gesprek eind juli 2009 aan een medewerker van de FIOD aangegeven dat er, onder andere wegens een onvolledige administratie, een vermoeden was van faillissementsfraude. In dat verband is toen ook het doen van aangifte ter sprake geweest. Toen verdachte op 8 september 2009 door de rechter-commissaris werd ondervraagd, deed zich dan ook de situatie voor dat de van hem te verkrijgen inlichtingen in verband met een “criminal charge” tegen hem gebruikt zouden kunnen worden. Die situatie legde op de autoriteiten de plicht te waarborgen dat het recht van verdachte zichzelf niet te belasten door hem effectief…

Verder lezen
Terug naar overzicht