Sign. - Aansprakelijkheid vereffenaars Super-DeBoer



De VEB vordert onder andere een verklaring voor recht dat de vennootschap SDB liquidator (als vereffenaar van Super- DeBoer (SDB)) en haar twee bestuurders onrechtmatig hebben gehandeld jegens de VEB en de ex-aandeelhouders van SDB door in strijd met art. 2:23a tot en met 2:23c BW uitkeringen te doen uit SDB terwijl er geen liquidatieplan aan deze uitkeringen ten grondslag ligt. Ontvankelijkheid Blijkens de doelomschrijving in de statuten richt de VEB zich op de behartiging van de belangen van effectenbezitters, waarbij belangenbehartiging voor deze groep personen in de ruimste zin des woords moet worden opgevat. Gelet op deze doelomschrijving kan er redelijkerwijs geen twijfel over bestaan dat de VEB zich ook de belangen aantrekt van personen die op enig moment aandelen of andere effecten in hun bezit hebben gehad. De VEB kan opkomen voor de belangen van degenen die aandelen in SDB in hun bezit hebben gehad, maar deze ten tijde van het instellen van de procedure al hadden verkocht. Uitkeringen aan ex-werknemers, aandeelhouders en ex-aandeelhouders Op grond van de regeling omtrent de vereffening kwalificeren de crediteuren van SDB, met name bestaande uit ex-werknemers, als schuldeisers die moeten worden betaald. SDB liquidator was gerechtigd deze groep te betalen, zelfs nu betaling heeft plaatsgevonden na neerlegging van het liquidatieplan. art. 2:23b lid 6 BW ziet op de uitkering van (een voorschot op) het overschot en niet op betaling van opeisbare vorderingen van schuldeisers. De betaling aan de aandeelhouders kwalificeert wél als een betaling ex art. 2:23b lid 6 BW. Op de ava van SDB is op 8…

Verder lezen
Terug naar overzicht