Sign. - Arbeidsovereenkomst of managementovereenkomst?


Voor de beantwoording van de vraag of er ondanks het bestaan van een managementovereenkomst sprake is van een arbeidsovereenkomst, komt het in de eerste plaats niet alleen aan op de bedoeling van partijen bij het sluiten van die overeenkomst, maar tevens op de wijze waarop vervolgens aan die overeenkomst uitvoering is gegeven. Vooropgesteld moet immers worden dat ook al zouden partijen de betrokken rechtsverhouding bestempeld hebben als een managementovereenkomst, de aard en feitelijke inhoud daarvan in een andere richting kunnen wijzen. Het wezen van de rechtsverhouding dient met andere woorden te prevaleren boven het door partijen daaraan gegeven etiket. Ter beoordeling ligt daarom de vraag of partijen een wezenlijke verandering van de arbeidsverhouding hebben beoogd of dat de wijze waarop partijen hun taken en bevoegdheden uitoefenen, nog immer de kwalificatie dienstbetrekking rechtvaardigt. De voorzieningenrechter komt voorshands tot de conclusie dat tussen partijen nog immer sprake is van een arbeidsovereenkomst waarbij de overwegingen in het arrest van de Hoge Raad van 14 november 1997, NJ 1998, 149 (Groen/Schoevers) tot leidraad zijn genomen. Daarbij is niet één enkel kenmerk beslissend, maar moeten de verschillende rechtsgevolgen die partijen aan hun verhouding hebben verbonden, in hun onderling verband worden bezien. In dit verband verwijst de voorzieningenrechter eveneens naar het arrest van de Hoge Raad van 13 juli 2007, «JAR» 2007/231 (Thuiszorg/PGGM).

(Vzngr. Rb. Alkmaar 4 december 2008, LJN BG6060) 

Verder lezen
Terug naar overzicht