Sign. - Arbeidsovereenkomst met failliete vennootschap


Naar vaste civielrechtelijke jurisprudentie kan ook tussen een grootaandeelhouder/ bestuurder en de vennootschap een arbeidsovereenkomst bestaan. De zeer formele benadering in civielrechtelijke jurisprudentie van het gezagselement in de arbeidsverhouding van bestuurders met hun vennootschap – die in de literatuur bepaald niet onomstreden is – is in de loop der jaren voor bestuurders wel in zoverre geëvolueerd dat hun arbeidsovereenkomst toch niet in alle gevallen met een 'gewone' arbeidsovereenkomst op één lijn wordt geplaatst. De Hoge Raad heeft in latere jurisprudentie een relativering aangebracht bij de waarde van de arbeidsovereenkomst van de statutair directeur. In zijn arresten van 15 april 2005, overweegt de Hoge Raad: "dat heeft te gelden dat een ontslagbesluit als bestuurder in beginsel tevens beëindiging van de dienstbetrekking van de bestuurder tot gevolg heeft. Voor een uitzondering is slechts plaats indien een wettelijk ontslagverbod aan die beëindiging in de weg staat of indien partijen anders zijn overeengekomen." In de sociale zekerheidswetgeving is daarentegen sedert de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 4 oktober 1985 (RSV 1986/21) de directeur-grootaandeelhouder geen werknemer meer. Deze jurisprudentie is vervolgens door de wetgever gecodificeerd in de regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder (Stcrt. 1997, 248). Ook in dit geval is reden voor relativering van de arbeidsovereenkomst die appellant als (middellijk) enig aandeelhouder met zijn vennootschap (failliet) heeft gesloten, ook al was niet hijzelf, maar zijn holding daarvan statutair directeur. appellant had als enig aandeelhouder alle touwtjes in handen en hij presenteerde zich ook naar buiten onmiskenbaar als de eigenaar van de onderneming. Vanaf het moment dat hij de facto zelf het faillissement van zijn vennootschap heeft aangevraagd, …

Verder lezen
Terug naar overzicht