Sign. - Art. 7:613 BW als rechtsgrondslag voor wijziging van (kern)arbeidsvoorwaarden?


Dit artikel heeft betrekking op de verhouding tussen het goed werkgeverschap en het goed werknemerschap en het eenzijdig wijzigingsbeding en de vraag of beide bepalingen aan de hand van het materieel toepassingsbereik van elkaar moeten worden gescheiden en zo ja, hoe dat vervolgens moet. De auteur heeft tot doel een discussie op dit punt op gang te brengen. In de eerste plaats wordt beschreven dat art. 7:613 BW de werknemer meer bescherming beoogt te bieden tegen wijzigingen van arbeidsvoorwaarden dan art. 7:611 BW. Dit blijkt ook uit de jurisprudentie. Een aantal rechters vindt toetsing aan de maatstaf van Taxi Hofman geen recht doen aan het belang dat werknemer bij handhaving van (kern) arbeidsvoorwaarden heeft. Uit de jurisprudentie blijkt namelijk dat wijzigingen ex art. 7:611 BW over het algemeen makkelijker worden toegestaan dan wijzigingen ex art. 7:613 BW, tenzij de wijziging betrekking heeft op als essentieel aangemerkte onderdelen van de overeenkomst. In die gevallen wordt toetsing aan art. 7:611 BW te licht geacht. De auteur betwijfelt dat de toetsing aan art. 7:611 BW na het arrest Mammoet zwaarder wordt, gezien het feit dat de Hoge Raad in die zaak criteria formuleert die sterk overeenkomen met aspecten die tegenwoordig al door andere (lagere) rechters worden gebruikt. Naar mening van de auteur is het ten aanzien van de bescherming van de werknemer tegen ingrijpende wijzigingen en de helderheid van het systeem van belang dat wijzigingen die de kern van de arbeidsovereenkomst raken, aan de vereisten in art. 7:613 moeten voldoen. Mr. De Gundt pleit er dan ook voor om…

Verder lezen
Terug naar overzicht