Sign. - Bank


Bij besluit van 6 juni 2011 heeft DNB het bezwaar van A BV tegen het besluit tot oplegging van een bestuurlijke boete wegens overtreding van art. 3:7 lid 1 Wft en tot openbaarmaking van de boete ongegrond verklaard. Anders dan A BV betoogt valt de overtreding haar in zeer grote mate te verwijten. Terecht heeft DNB in haar beslissing betrokken dat A BV eerder is beboet en dat zij de overtreding nadien heeft voortgezet. In haar bedrijfsvoering en de wijze waarop zij naar buiten trad is A BV zich onverkort schuldig blijven maken aan overtreding van art. 3:7 lid 1 Wft. DNB heeft dan ook in redelijkheid kunnen besluiten tot oplegging van een bestuurlijke boete. Verder is DNB gehouden tot publicatie over te gaan nu niet valt in te zien dat publicatie in strijd kan komen met het prudentieel toezicht dat DNB uit hoofde van de Wft uitoefent. Het beroep is ongegrond.
(Rb. Rotterdam 29 maart 2012, «JOR» 2012/186)

Verder lezen
Terug naar overzicht