Sign. - Bankenmededeling is niet bindend voor lidstaten (HvJ EU 19 juli 2016, ECLI:EU:C:2016:570, «JOR» 2016/241, m.nt. mr. M.L. Louisse)
In Slovenië was, vooruitlopend op Richtlijn 2014/59/EU (de Herstel- en afwikkelingsrichtlijn), een bepaling opgenomen in de Wet op de bankensector, op basis waarvan de centrale bank van Slovenië kon besluiten tot gehele of gedeeltelijke afschrijving of omzetting van in aanmerking komende passiva (waaronder kernkapitaal, hybride financiële instrumenten en achtergestelde schuld). Deze bepaling strekte ertoe om punten 40 tot en met 46 van de Mededeling van de Europese Commissie betreffende de toepassing vanaf 1 augustus 2013 van de staatssteunregels op maatregelen ter ondersteuning van banken in het kader van de financiële crisis (Bankenmededeling) om te zetten in nationaal recht om de nationale autoriteiten de mogelijkheid te bieden staatssteun te verlenen die verenigbaar was met de interne markt. In de Bankenmededeling heeft de Commissie vastgelegd onder welke voorwaarden zij staatssteun in de bankensector verenigbaar acht met de interne markt.
In september 2013, derhalve vóór inwerkingtreding van de Herstel- en afwikkelingsrichtlijn, stelde de centrale bank van Slovenië vast dat vijf Sloveense banken een kapitaaltekort vertoonden. Op 17 december 2013 heeft zij deze banken gelast over te gaan tot volledige afschrijving van alle in aanmerking komende passiva. Er is tevens staatssteun verleend, die op 18 december 2013 is goedgekeurd door de Commissie. Een aantal partijen, waaronder particulieren en de ombudsman van Slovenië, hebben vervolgens verzocht om grondwettigheidstoetsing van de bepalingen van de Wet op de bankensector op basis waarvan de lastendelingsmaatregelen zijn getroffen. Het Grondwettelijk Hof van Slovenië heeft daarover prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie van de EU, omdat de bepalingen van de Wet op de bankensector ertoe strekten om de Bankenmededeling om te zetten in nationaal recht en…