Sign. - Bedenkingen bij bestuurlijke beboeting bestuurders


Toezichthouders als de AFM en DNB kunnen feitelijk leidinggevers beboeten. Deze boetes moeten doorgaans vroegtijdig openbaar worden gemaakt, voordat een bodemrechter heeft geoordeeld over de rechtmatigheid van de boete. De schrijver betoogt dat deze vorm van bestuursrechtelijke bestuurdersaansprakelijkheid onwenselijke risico's in zich draagt. Hij wijst in dat kader op de grote omvang en toenemende vaagheid van de in het financieel toezichtrecht geldende normen en dat een beroep op het lex certabeginsel maar zelden blijkt te slagen. Wat betreft de vroegtijdige openbaarmaking wijst de schrijver op de correlatie tussen publieke reuring over een toezichtskwestie en de oplegging van boetes en openbaarmaking daarvan. De wetgever toont bovendien onvoldoende aandacht voor rechtsbescherming. Zo staat geen hoger beroep open tegen uitspraken van de voorzieningenrechter die moet oordelen over de toelaatbaarheid van een vroegtijdige openbaarmaking. Interessant is de recent ingevoerde beperking van de aansprakelijkheid van toezichthouders. Dit heeft het effect gehad dat de voorzieningenrechter de rechtmatigheid van boetes indringender toetst dan hij voordien deed.
(Ondernemingsrecht 2013, 85, mr. G.P. Roth)

Verder lezen
Terug naar overzicht