Naar de inhoud

Sign. -. Bedrijfsongeval fosforfabriek

(Rb. Zeeland-West-Brabant 18 juli 2013, ECLI:NL:RBZAB:2013:5418)

Op 15 mei 2009 vindt in de Fosforoven van de verdachte rechtspersoon een ongeval plaats als gevolg waarvan twee werknemers overlijden. De rechtspersoon wordt door de rechtbank schuldig bevonden aan dood door schuld ex art. 307 Sr, overtreding van art. 32 Arbeidsomstandighedenwet en overtreding van art. 5 van het Besluit risico's zware ongevallen 1999. De rechtbank is tot de conclusie gekomen dat bij verdachte op het gebied van veiligheid een bedrijfscultuur was ontstaan welke ernstig ontoereikend te noemen is. Voorts is de rechtbank op basis van de gebleken werkwijze binnen het bedrijf tot de conclusie gekomen dat het stelselmatige gebrek aan aandacht voor de veiligheid in het bedrijf in alle geledingen van het bedrijf voorkwam en derhalve niet beperkt was tot een aantal medewerkers. Zowel in de top, het management, het middenmanagement als bij de medewerkers bestond een ten minste halfslachtige houding ten opzichte van veiligheid. Zo bleek de top niet of onvoldoende op de hoogte van het bestaan van veiligheidsvoorschriften en was een veiligheidsadvies dat kennelijk jarenlang bij verdachte op de plank had gelegen, niet bekend althans in elk geval niet geïmplementeerd. Voorts stelde het management dat er 'nog discussie was in het bedrijf' over de vraag of de oven op een bepaald moment wel of niet als een besloten ruimte beschouwd moest worden, terwijl het toch zeer op de weg van datzelfde management had gelegen om daar tijdig en adequaat en juist op te beslissen zodat mogelijke risico's tijdig geëlimineerd zouden worden. Daarnaast werd er op het niveau van het…