Sign. - Bedrijfsopvolgingsfaciliteit in Successiewet 1956 in strijd met discriminatieverboden


Rechtbank Breda heeft geoordeeld dat de bedrijfsopvolgingsfaciliteit zoals die gold in 2007 (75%-vrijstelling bij vererving/schenking van ondernemingsvermogen) in strijd is met de discriminatieverboden van art. 26 IVBPR en 14 EVRM. In casu werd belanghebbende die geen ondernemingsvermogen verkreeg, volgens de rechtbank ongelijk behandeld ten opzichte van een verkrijger die wel ondernemingsvermogen zou hebben verkregen. De rechtbank oordeelt dat de wetgever haar 'margin of appreciation' heeft overschreden met de verhoging van de vrijstelling van 30% naar 75% in 2005. Rechtbank Breda oordeelt aldus dat de vrijstelling ook dient te gelden voor het niet-ondernemingsvermogen c.q. privévermogen van belanghebbende. De staatssecretaris van Financiën heeft aangegeven in hoger beroep te gaan.

Verder lezen
Terug naar overzicht