Sign. - Beursnotering Priority Telecom


De rechtbank heeft in het bestreden vonnis overwogen dat de zinsnede "which listing results in an active public trading market" meebracht dat de aandeelhouders erop mochten vertrouwen dat UPC zich in het kader van de voorbereiding van de iPO in voldoende mate zou inspannen voor het na de beursnotering tot stand komen van een zodanige handel in aandelen Priority, dat de aandeelhouders een reële mogelijkheid zouden hebben hun aandelen ter beurze te verkopen. Het hof concludeert dat de omzetting van de gewone aandelen in prioriteitsaandelen niet aan UPC kan worden tegengeworpen als een tekortschieten in haar inspanningsverplichting om een active public trading market tot stand te brengen. De vraag ligt voor wie het risico draagt van de omstandigheid dat als gevolg van de verslechterde marktomstandigheden geen active public trading market kon ontstaan. genoemde omstandigheid is in de risicosfeer van de aandeelhouders blijven liggen. De putoptie is enkel en alleen een sanctie op het niet tijdig tot stand komen van een iPO. De in de iPO-definitie opgenomen zinsnede "which listing results in an active public trading market" maakt dat niet anders. Die zinsnede legt UPC immers geen resultaatsverplichting op maar een inspanningsverplichting om een reële exitmogelijkheid voor de aandeelhouders te creëren, aldus terecht de rechtbank. Het hof is met de rechtbank van oordeel dat UPC jegens de aandeelhouders niet tekort is geschoten in de nakoming van die op haar rustende inspanningsverplichting. Van der Velden noemt in zijn noot een aantal punten van kritiek op het arrest van het hof. (Hof Amsterdam 6 september 2011, «JOR» 2011/367, m.nt. mr. J.W.P.M. van der Velden)

Verder lezen
Terug naar overzicht